
“Moeten wij onze teksten nu op B1 schrijven? Onze klanten zijn toch geen kinderen.” Die reactie horen we regelmatig, vooral bij advocaten, adviseurs en technische bedrijven. Het misverstand is begrijpelijk. B1-taalniveau op uw website gaat niet over kinderachtige taal. Het gaat over teksten die iemand in één keer begrijpt, ook als hij moe is, haast heeft of op zijn telefoon leest. In dit artikel leest u wat B1 inhoudt, wie er baat bij heeft en hoe u uw eigen teksten nakijkt.
Wat is B1-taalniveau?
B1 komt uit het Europees Referentiekader voor talen, een schaal die loopt van A1 (beginner) tot C2 (zeer gevorderd). B1 zit in het midden. Een tekst op B1 gebruikt woorden die de meeste mensen dagelijks gebruiken, en zinnen die kort en actief zijn.
De Rijksoverheid schrijft de teksten op haar websites op B1-niveau. Op communicatierijk.nl beschrijft de overheid de kenmerken: een duidelijke titel en tussenkoppen, een actieve schrijfstijl, voorbeelden, eenvoudige woorden en korte, duidelijke zinnen. Officiële namen van wetten of juridische termen mogen blijven staan, maar moeten wel worden uitgelegd.
Voor wie schrijft u eigenlijk?
Volgens Stichting Lezen en Schrijven hebben in Nederland ongeveer 3 miljoen mensen van 16 tot en met 75 jaar moeite met lezen, schrijven of rekenen. De stichting baseert dat op het internationale PIAAC-onderzoek. Die mensen zijn ook uw klanten: ze hebben een lekkend dak, een rugblessure, een huurconflict of een hond die moet worden ingeënt.
Maar ook goede lezers hebben baat bij een B1-tekst. Een directeur die tussen twee afspraken uw dienstenpagina op zijn telefoon opent, wil niet drie keer dezelfde zin lezen. Een lezer voor wie Nederlands de tweede taal is, kan uitstekend opgeleid zijn en toch vastlopen op ambtelijk Nederlands. De overheid onderzocht in 2021 nog of A2 (eenvoudiger dan B1) beter werkte; de B1-teksten bleken voor laag-, middelbaar- en hoogopgeleiden net zo goed te begrijpen. Dat staat in het themaonderzoek taalniveaus op communicatierijk.nl.
Stichting Lezen en Schrijven wijst er overigens op dat B1 voor laaggeletterden soms nog te moeilijk is. B1 is dus een redelijk uitgangspunt, geen garantie dat iedereen alles begrijpt.
Wat B1 niet is
- Niet kinderachtig. U spreekt de lezer gewoon aan als volwassene.
- Niet onvolledig. U laat geen informatie weg, u legt het eenvoudiger uit.
- Geen verbod op vaktermen. Een fysiotherapeut mag “dry needling” noemen. Hij legt in één zin uit wat het is.
- Niet saai. Korte zinnen kunnen prima levendig zijn. Vaak juist meer dan lange.
Zo herschrijft u een tekst naar B1
1. Maak zinnen korter
Eén boodschap per zin. Ziet u een zin met drie keer “en” of een bijzin binnen een bijzin, knip hem dan op.
Voor: “Indien u in aanmerking wenst te komen voor een vrijblijvend adviesgesprek, waarin wij samen met u de mogelijkheden inventariseren, kunt u contact opnemen via onderstaand formulier.”
Na: “Wilt u eerst praten over de mogelijkheden? Vul het formulier in. Het gesprek is vrijblijvend.”
2. Kies het gewone woord
“Indien” wordt “als”. “Woonachtig” wordt “wonend”. “Middels” wordt “met”. “Retourneren” wordt “terugsturen”. “Inventariseren” wordt “op een rij zetten”. Elk woord apart lijkt een kleinigheid, samen maken ze het verschil tussen een tekst die leest als een brief van een instantie en een tekst die leest als een gesprek.
3. Schrijf actief
“Uw aanvraag wordt door ons binnen twee werkdagen behandeld” wordt “Wij reageren binnen twee werkdagen op uw aanvraag”. Wie doet wat, is dan meteen duidelijk.
4. Geef een voorbeeld
Een abstracte uitleg wordt concreet met een voorbeeld. “Wij helpen bij arbeidsconflicten” zegt minder dan “Bijvoorbeeld als u ontslag dreigt te krijgen of uw werkgever uw loon niet betaalt”.
5. Gebruik koppen en lijstjes
Een stappenplan in een genummerde lijst leest makkelijker dan dezelfde stappen in een lopende alinea. Koppen helpen de lezer om het stuk te vinden dat over hem gaat. Meer over de opbouw van webteksten leest u in schrijven voor het web.
Hoe meet u of een tekst op B1 zit?
Er bestaan online tools die een tekst scannen op lange zinnen, moeilijke woorden en lijdende vormen. De overheid gebruikt zelf ook software voor die controle. Zo’n tool is handig als eerste check, maar neem de uitkomst niet als eindoordeel. Een tekst kan technisch op B1 zitten en toch onduidelijk zijn, omdat de opbouw niet klopt of omdat het antwoord op de vraag van de lezer ontbreekt.
De beste test is ouderwets: laat iemand de tekst lezen die uw vak niet kent. Vraag daarna wat hij heeft begrepen en wat hij nu zou doen. Blijft hij hangen op een woord of een zin, dan weet u wat u moet aanpassen.
B1 en toegankelijkheid
Begrijpelijke taal is een onderdeel van een toegankelijke website, naast zaken als contrast, alt-teksten en bediening met het toetsenbord. Wat daar verder bij komt kijken, leest u in de basis van een toegankelijke website. Schrijft u voor een oudere doelgroep, dan is ook een website ontwerpen voor ouderen de moeite waard.
Begrijpelijke teksten vanaf de eerste versie
Het is veel makkelijker om teksten meteen helder te schrijven dan om een bestaande site achteraf te herschrijven. Bij een nieuwe site nemen wij taal en leesbaarheid mee in het ontwerp, net als contrast en bediening. Meer daarover leest u bij een toegankelijke website laten maken.
Vraag een gratis websitecheck aan. Binnen één werkdag weet u waar uw website staat.
