“Het staat bij TransIP, dus dat is geregeld.” Die zin horen wij vaak, en hij klopt half. Een TransIP WordPress-omgeving draait op een nette Nederlandse server met goede ondersteuning, maar de verdeling van taken tussen hosting en sitebeheerder is iets waar u zelf achter moet komen. Anders blijft er een gat waar niemand in kijkt.
Hieronder leest u welk werk doorgaans bij de hostingpartij ligt, welk werk hoe dan ook van u blijft, en hoe u in een halfuur controleert of er niets tussen wal en schip valt. Pakketten en voorwaarden wijzigen; controleer de details altijd in uw eigen beheerpaneel.
Wat een hostingpartij voor u doet
Grofweg is alles onder uw site het terrein van de hoster. Dat betekent in de praktijk:
- De server draaiend houden, inclusief het besturingssysteem, de webserver en de database. Hier heeft u geen omkijken naar.
- Beschikbaar stellen van PHP-versies. U kunt kiezen welke versie uw site gebruikt, maar de keuze zelf blijft van u.
- Een SSL-certificaat, meestal via Let’s Encrypt, dat automatisch wordt vernieuwd zolang uw DNS naar hen wijst.
- Servergebonden back-ups. Vrijwel elke hoster maakt kopieën van de server. Dat is iets anders dan een back-up die u zelf op een gekozen moment kunt terugzetten.
- Netwerkbeveiliging: bescherming tegen overbelasting, en het afvangen van grof verkeer voordat het uw account bereikt.
Dat is een stevige basis. Het gaat alleen over de laag onder WordPress, en daar zit precies het misverstand.
Wat TransIP niet doet aan uw WordPress-site
Alles binnen de map van uw website is van u. Geen enkele hoster werkt uw plugins bij, en dat is maar goed ook: die kan niet weten of uw formulier daarna nog werkt.
- Kernbestanden, thema en plugins bijwerken, en controleren of de site daarna nog doet wat hij moet doen.
- Beoordelen of een update haast heeft. Een beveiligingsupdate voert u snel uit; een grote versiesprong van een paginabouwer plant u in.
- Uw eigen back-up, waarvan u weet hoe u hem terugzet en die niet alleen op dezelfde server staat.
- Accounts en wachtwoorden. Oude beheerders verwijderen, tweestapsverificatie aanzetten.
- Kijken of de site nog werkt. Niet of hij online is, maar of het contactformulier aankomt en of de betaalstap doorloopt.
Deze vijf punten zijn samen de kern van beheer. Ze hebben niets met uw hostingkeuze te maken, en ze verdwijnen niet door naar een duurder pakket over te stappen.
Vijf instellingen die u vandaag nakijkt
Log in op uw beheerpaneel en loop dit lijstje af. Reken op twintig tot dertig minuten.
- PHP-versie. Zoek de instelling voor uw domein en kijk welke versie er staat. Draait u nog op 7.4 of 8.0, dan krijgt u geen beveiligingsherstel meer. Test eerst in een kopie voordat u verhoogt; het stappenplan staat in de uitleg over het bijwerken van uw PHP-versie.
- Herstelmogelijkheid. Kijk of u vanuit het paneel een eerdere versie van bestanden of database kunt terugzetten, hoe ver terug dat gaat en of u daar zelf bij kunt zonder een ticket.
- SSL en doorverwijzing. Staat het certificaat op automatisch vernieuwen, en gaat verkeer van http naar https en van de versie zonder www naar de versie met www, of andersom? Twee ingangen die allebei bereikbaar zijn, geven vreemde problemen.
- DNS-verwijzingen. Controleer of uw mailverkeer en uw website naar de juiste plek wijzen, zeker als mail en site bij verschillende partijen staan.
- Contactadres en facturatie. Staat er een e-mailadres dat u leest, en op een ander domein dan de site zelf? Anders mist u een waarschuwing precies wanneer het misgaat.
De valkuil van serverback-ups
Dit onderdeel verdient aparte aandacht, want hier gaat het het vaakst mis. Een back-up die de hostingpartij maakt, is bedoeld om hun infrastructuur te herstellen. Hij is meestal beschikbaar voor u, maar met beperkingen: een vaste bewaartermijn, een terugzetactie die alles overschrijft, en soms een ticket dat u moet indienen.
Ontdekt u pas na drie weken dat er productgegevens ontbreken, dan is de kopie van toen er nog goed uitzag vaak al verdwenen. Zet daarom een eigen regeling op met een bewaartermijn die past bij hoe snel u fouten opmerkt, en bewaar die kopieën ergens anders. Waarom die scheiding er werkelijk toe doet, staat in het artikel over back-ups buiten uw eigen server.
Test daarnaast één keer of terugzetten werkelijk lukt. Zolang een back-up niet één keer is teruggezet, weet u niet of hij bruikbaar is.
Gedeelde hosting of een eigen server
Bij een gedeeld pakket deelt u een machine met andere klanten. Dat is voor de meeste bedrijfssites prima en houdt de kosten laag. Merkt u dat de site ‘s avonds trager is of dat het beheerscherm traag reageert bij eenvoudige handelingen, dan zit u mogelijk krap in het geheugen of deelt u met een drukke buurman.
Een eigen virtuele server geeft meer ruimte en meer controle, maar dan wordt het bijwerken van het besturingssysteem ook uw taak. Kies dat alleen als u weet wie dat gaat doen. Voor een webshop met dagelijkse bestellingen is de stap vaak wel verstandig; voor een bedrijfssite met een paar honderd bezoekers per week zelden.
Loopt u tegen traagheid aan, meet dan eerst waar het aan ligt voordat u overstapt. Vaak zit de vertraging in de site zelf en niet in de server, en dan lost een duurder pakket niets op.
Zo verdeelt u het netjes
Maak één keer een lijstje met twee kolommen: wat doet de hosting, wat doe ik. Zet erbij wie er kijkt en hoe vaak. Voor een gemiddelde bedrijfssite is een maandelijkse ronde van een halfuur genoeg, met daarnaast een melding als de site onbereikbaar is.
Wilt u die maandelijkse ronde niet zelf doen, dan is dat precies wat een beheerpartij overneemt. Bij WebMaintor blijft de hosting gewoon staan waar hij staat; wij hangen er updates, back-upcontrole en bewaking omheen. Overweegt u toch te verhuizen, weeg dan eerst af wat u werkelijk mist, want een pakketwissel lost zelden een probleem in de site zelf op.
Concrete volgende stap: log in op uw hostingpaneel en zoek de PHP-versie op. Staat daar iets ouders dan 8.1, dan heeft u uw eerste taak voor deze week te pakken.



